Wij zijn een leesclub van oud-medewerkers van Boekhandel Kooyker in Leiden, en bespreken sinds 2003 in wisselende samenstelling nieuwe en oudere boeken.

donderdag 29 mei 2008

De volgende keer: Jaap Scholten


De volgende keer, 25 augustus bij Marieke lezen we De wet van Spengler van Jaap Scholten.

Mei 2008: Alleen maar nette mensen


In de toekomstige studeerkamer van het nieuwe huis van Marianne in een keurige wijk spraken wij, onder het genot van een glaasje wijn, over een erg modern boek. Erg hedendaags, of hoe noem je dat. In ieder geval, het speelde deels in een keurige wijk met alleen maar nette mensen met studeerkamers en glaasjes wijn, en deels in een wijk met flats, vrouwen met kinderen maar geen man en een heel andere kijk op het leven.

Arno vond het een heerlijk boek, een lekker jongensboek. Hij heeft het in brokjes in de trein gelezen en heeft er erg van genoten. Het taalgebruik viel hem op, niet alleen in de msn-taal, maar ook de onderlinge taal en de verschillen daarin. Arno vindt het een heel geslaagd boek om aan jonge mensen te adviseren, het is heel erg van nu en er zit ook nog iets maatschappelijks in met die twee verschillende werelden.
Dineke heeft zich het meest vermaakt met de enorme verzameling voornamen die tevoorschijn komt. Je kind, verkeerd gespeld, naar een fles Chianti noemen, geweldig. Ze vond het alleen allemaal wel erg lang duren. Na een tijdje is de formule een beetje uitgewerkt en gebeurt er nog maar weinig. Dat is wel jammer. De ontmoeting tussen de beide ouderparen vond ze een hoogtepunt.
Marianne haakt daar op aan met haar favoriete passage: de ontmoeting met Henk en Ria in het vliegtuig, die denken dat hij misschien wel een terrorist is. Marianne vond het net als Arno een lekker tussendoortje, je moet niet alleen maar dit soort boeken lezen maar af en toe is dit heerlijk.
Marieke deelt de favoriete scène met Henk en Ria maar heeft zich ook wel erg vermaakt met de beschrijvingen van het Oud-Zuid milieu. Je weet iets te goed waar dat over gaat…
Ada vertelde per mail dat zij het allemaal wel heel plat vond, en dat zij de passage in Amerika niet zo veel vond toevoegen.
Tineke tenslotte vond de karakterisering ‘hilarisch’ over deze roman al afstotend genoeg en las liever Claudel.
Die aanvangsaarzeling bij dit boek deelden we, we waren er allemaal van tevoren nog niet zeker van of we dit leuk gingen vinden. Maar de bespreking leverde toch vooral positieve geluiden op.

We zijn het er over eens dat het knap is hoe Vuijsje de beide milieus beschrijft zonder daarover zelf te oordelen. Hij kiest zijn woorden zorgvuldig. Iedereen plaatst elkaar in hokjes en steeds met woorden die aan die groep eigen zijn.

We hopen dat Vuijsje meer boeken gaat schrijven, dat hij met dit boek nog niet al zijn kruit verschoten heeft.

vrijdag 18 april 2008

April 2008: 'iets' van Murakami



De keuze bood wat vrijheid dit keer: een werk van Murakami moest het worden. Omdat bijna iedereen meerdere werken van deze schrijver had gelezen, konden we mooie vergelijkingen trekken en tegelijk Noor enthousiast maken, voor wie dit de eerste kennismaking was.

Noor las De olifant verdwijnt.
Dineke las Kafka op het strand, en las al eerder Ten zuiden van de grens.
Arno las Ten zuiden van de grens, en las al eerder Norwegian Wood, Spoetnikliefde, Na de aardbeving, De opwindvogelkronieken en Kafka op het strand.
Marieke begon in Hard-boiled wonderland of het einde van de wereld en las al eerder Norwegian wood, De opwindvogelkronieken, Kafka op het strand en De jacht op het verloren schaap.

We waren unaniem in ons enthousiasme voor deze schrijver.
Dineke vond dat Kafka op het strand over je heen dendert, er gebeurt heel veel en daar moet je erg over nadenken. Steeds denk je dat je bij de oplossing van iets bent en dan gebeurt er alwéér iets nieuws. Ze herinnert zich dat in Ten zuiden van de grens aan het einde de touwtjes bij elkaar kwamen en vraagt zich af of dat hier ook zo zal zijn. Arno en Marieke herinneren zich dat dat niet zo is, maar dat geeft ook niet. Tijdens het lezen kom je in een soort opwaartse flow en dan maakt het einde niet uit.

Arno signaleert daarop een tweedeling: boeken als Ten Zuiden van de grens en Norwegian wood zijn meer goed vertelde liefdesverhalen, terwijl bijvoorbeeld De opwindvogelkronieken en Kafka op het strand veel experimenteler zijn. Daar weet je niet altijd raad mee, soms (vaak?!) realiseer je je dat je er niets van begrijpt. Je schuift van verhaal A naar B en dan komt C erbij, het breidt zich steeds uit. Maar toch raak je nooit zozeer de draad kwijt dat je het opgeeft.

Arno was ook gefascineerd door de tegenstellingen waar Murakami gebruikt van maakt. In Ten zuiden van de grens gaat het bijvoorbeeld én over een kronkelende rivier én het Suezkanaal. Of de tegenstelling Oost – West bijvoorbeeld. Delen van de verhalen zijn voor ons heel onbekend, terwijl andere stukken wel weer heel herkenbaar zijn.

Wat erg bijdraagt aan de boeken is de twijfel of alles wel echt gebeurt. Van heel wat gebeurtenissen kun je je afvragen of ze echt zijn, of dat het misschien toch een droom was. En maakt dat uit voor de bijdrage van die gebeurtenis aan het verhaal? Noor herkent dit uit De olifant verdwijnt. Er komen ineens mannetjes uit de tv, en een olifant verdwijnt met verzorger en al. Marieke vindt vooral die rare personages Johnnie Walker en Colonel Sanders in Kafka op het strand geweldig: wie zijn ze, en hoe kom je er op?!

Als verwante schrijvers denken we aan David Mitchell (Wolkenatlas, Dertien) of Paul Auster (New York Trilogy). Iemand die onbekend is met het werk van Murakami kan het beste voorzichtig beginnen en de Opwindvogelkronieken voor later bewaren.

Terugkerende thema’s leken ons:
- Wat is echt en wat niet
- Muziek
- Eenzaamheid
- Eten
- Tegenstellingen
- Surrealistische/absurde zaken en gebeurtenissen

In een artikel uit HP de Tijd dat Arno uitdeelde wordt een overzicht van Murakami's werk geschetst. De daar genoemde punten komen ook in onze bespreking terug. De documentaire Dinner with Murakami biedt ook een interessante kijk op zijn schrijverschap en zijn status in Japan. En dat nog wel zonder dat de schrijver zelf optreedt in de documentaire.