Wij zijn een leesclub van oud-medewerkers van Boekhandel Kooyker in Leiden, en bespreken sinds 2003 in wisselende samenstelling nieuwe en oudere boeken.

maandag 8 februari 2016

December 2015 - Muidhond


Meestal zijn we het als leesclub vrij snel eens over onze recensie van het boek. Soms wordt het kamp in tweeën gespleten. Maar het komt zelden voor dat we er allemaal een verschillende mening op na houden: de een vindt het fantastisch, de volgende goed op sommige punten, een ander bar slecht.

Inge Schilperoords Muidhond slaagde erin deze verwarring te zaaien. Waar de een het poëtisch vond, meende de ander dat het taalgebruik saai was. Sommigen waren benieuwd hoe het afliep, anderen zagen het einde al mijlenver aankomen. Over een ding waren we het eens: Schilperoord zou wel eens een onehitwonder kunnen blijken. Want met Muidhond heeft ze zo geput uit haar eigen professionele leven dat we vermoeden dat ze niet tot een succesvolle opvolger komt waaraan meer fantasie te pas moet komen.

Omdat Schilperoord uit haar ervaringen als forensisch psycholoog put, zijn we het boek gaan bekijken als een aanklacht tegen het huidige systeem, waarin mensen met 'onwenselijke gevoelens' zonder afdoende begeleiding weer terug worden gestuurd in een maatschappij die geen vertrouwen in ze heeft. Terwijl die maatschappij onontbeerlijk blijkt om ze op het rechte pad te houden, zoals de vis uit de titel alleen kan leven in een zeer specifiek klimaat.

Door te vertellen hoe iemand moet veranderen, maar er geen eerlijke kans voor krijgt, breekt het boek tegelijkertijd een lans voor meer nuance, meer 'grijsheid' in het debat. Dat zou je dapper kunnen noemen. Maar Schilperoord kiest op het einde wel voor de makkelijke uitweg door een personage te laten sterven. En doordat Muidhond literair hier en daar tekortschiet, is het de vraag of ze haar lezers naast rationeel ook emotioneel heeft geraakt.

maandag 28 september 2015

September 2015: In het licht van wat wij weten

In hoeverre konden wij als leesclub een goed oordeel vellen over een boek dat we niet allemaal helemaal hadden uitgelezen? Konden wij, in het licht van wat wij wisten, iets zinnigs zeggen over een debuutroman van dit kaliber? De vraag stellen, is hem -eerlijk gezegd-, beantwoorden. Wat konden wij weten van het leven van Zafar en zijn vriend?

Wat sowieso opviel was de structuur. Of liever: de afwezigheid van structuur. Wie er aan het woord was, was niet altijd even duidelijk. In welke tijd we waren of in wiens hoofd we ons als lezer bevonden, was niet altijd even eenvoudig te ontdekken. De kracht en de zwakte zitten wat ons betreft in hetzelfde onderdeel. De rijkheid van alle gedachten, de mooie filosofische bespiegelingen en wijsheden maken het boek rijk, maar ook warrig. We werden geraakt door de bespiegelingen over wiskunde, over cartografie, over politieke en morele vraagstukken.

De auteur probeert wat structuur in het geheel aan te brengen door de lezer bij de hand te nemen. Je wordt voortdurend als lezer aangesproken. Een deel van ons vond dat erg vervelend en bijna betuttelend, een ander deel juist niet omdat het je deel laat uitmaken van dezelfde zoektocht als Zafar. Zegt deze opzet iets over het boek? Het heet niet voor niets: In het licht van wat wij weten.

Unaniem deelden we de mening dat het lezen erg hard werken was. De leesclubleden die in het Engels lazen, konden helemaal hun lol op. De neiging om zo nu en dan passages over te slaan, werd herkend door meerdere van ons.

Maar waar gaat het boek nu over? Over alles en over niets. Rahman neemt ons mee via vele steden in de wereld, langs politieke ontwikkelingen naar de belangrijke disciplines in de wereld. We lezen over oorlog, afkomst, vluchten, angst, geld, liefde, verraad en wat niet meer. Je ontdekt tijdens het lezen van In het licht van wat wij weten de complexiteit van de wereld, maar ook van de kwestie van het verraad van Zafar. Dat maakt het lastig om een oordeel over de kwestie te vellen, en misschien ook wel over de roman.

zondag 28 juni 2015

Juni 2015: Om niet te verdwalen

De bedoeling was dus om niet te verdwalen. Niet in het heden, niet in het verleden, niet in de pagina's en niet in het geheugen.

Maar we verdwaalden wel, allemaal. Het grappige was alleen dat de een dat erger vond dan de ander.

De e-reader gebruikers liepen tegen een zeer onverwacht einde aan: niet wetende dat het boek bijna afgelopen was, waren er ineens geen pagina's meer maar nog wel zo veel vragen. Daar kun je je met een papieren exemplaar toch beter op voorbereiden.

Dat verdwalen, toch, was dat nou briljant of hinderlijk? Je krijgt zeer de neiging om het boek te herlezen in de hoop dan wel de antwoorden op je vragen te krijgen. Maar of je die krijgt valt te betwijfelen. Het heeft ook wel iets, zelf informatie aanvullen geeft nu eenmaal wel een extra laag aan een boek. Maar ontbreekt hier niet te veel informatie? Raken we niet volslagen de weg kwijt, en schiet het spelen met de vorm daarom zijn doel voorbij? Of is het een briljant spel?

De hoofdpersoon lijkt er de voorkeur aan te geven toch te verdwalen en neemt jou als lezer mee. Dus hoe je ook zoekt, en je vast probeert te houden aan aanwijzingen of het briefje in je zak, je eindigt met meer vragen dan antwoorden.

Maakt dat het boek slecht? Nee. Enorm goed dan? Nee, ook niet. Maar wel goed genoeg.